Met een bladhark wandel ik richting de Magnolialaan. Het is herfst en er is zoveel blad gevallen dat het pad nauwelijks meer begaanbaar is, zeker op een fiets niet. M’n gedachten gaan terug naar bijna vier jaar geleden, toen ik op de Pauwekroon m’n allereerste gota kwam doen. Die vond namelijk ook plaats op de Magnolialaan om het gevallen blad weg te harken.

Ik herinner me hoe ik toen met Marga Boosmans bezig was. We kletsten een hoop. Het was m’n eerste gota dus ik was razend benieuwd. Hoe zou het gaan? Wat zou ik merken? Ik had 1000 vragen. De gota is me sindsdien bijgebleven. Onder andere omdat ik zo genoot van het resultaat. Dat viel me echt op. Maar ook door het besef dat ik ineens had: volgend jaar moet dit weer gebeuren, en het jaar daarna weer, en daarna weer, enzovoort. Een paniekerig gevoel van weerstand tegen met herhaling samenhangende saaiheid kwam bij mij toen hevig omhoog. Marga vond dat weer heel grappig.

Altijd maar weer onderhoud doen aan de wegen en paden. Dezelfde wegen en paden. Seizoen na seizoen. Ik zag er toen enorm tegen op. Genieten van het resultaat is er dan toch niet meer bij? Dat heb je dan toch al zo vaak meegemaakt? Marga loopt hier al jaren rond, hoe krijgt ze het voor elkaar om hier, voor de zoveelste keer, de Magnolialaan van herfstblad te ontdoen? En opgewekt bovendien ook nog?

Terwijl ik hier zo aan terugdenk, merk ik dat ik me nu totaal niet zo voel als ik toen dacht dat ik me zou voelen. Er is eerder een soort kalmte. Ik heb zin om hier met de bladhark in de weer te gaan. En dat doe ik dan ook.

Het is stil op deze heldere herfstochtend. Rustig ontdoe ik het pad van het blad. Ik geniet weer van het resultaat als ik terugkijk naar waar ik ben geweest. Af en toe hou ik halt en kijk ik even rond. Het is hier ook zo mooi. Er komen wolkjes uit m’n mond en ik voel zweetdruppeltjes onder m’n muts.

Omdat ik volgens mij nog prima in de tijd zit, doe ik na de Magnolialaan ook nog even het Olifantenpad en de Heidelaan. Niets in mij dat me oproept om vooral te stoppen vanwege de saaiheid. Ik voel geen weerstand, ik doe het graag.

Wat een contrast met mijn idee├źn over jaar in jaar uit onderhoud doen aan de wegen en paden. Ik dacht er de balen van te zullen krijgen, maar in plaats daarvan is er iets heel anders vandaag. En dat terwijl ik toch ook al bijna vier jaar dit onderhoud doe. Voor mij een bewijs dat mijn gedachten meestal niet veel met de realiteit van doen hebben. Het denken weet het duidelijk niet.

Het denken weet het niet. Het is een les die ik langzaam maar zeker begin te leren. Vandaag sta ik er opnieuw bij stil dankzij het gevallen blad op de Magnolialaan.