BLOG

Over een waanidee over klei

De klei in het voorraadbakje op Collectieve Harmonie ligt daar al heel lang, misschien al wel 10 jaar, zonder dat de onderzoekers in de tuinafdeling er iets mee hebben gedaan. Ik weet nog dat Agatha jaren geleden een keer met heel veel moeite wat klei had gehaald voor de Verbena bonariensis in de Driftentuin. Want die planten leven op van klei. Agatha vertelde mij toen dat die klei kei- en keihard was en dat het heel moeilijk was om de klei te verzamelen. Op de een of andere manier is dat altijd bij mij gebleven en heb ik nooit meer iets gedaan met die klei. Maar afgelopen maand kwam de klei bij mij in beeld. Ik had zoiets van: we kunnen het niet maken om nooit iets met de klei te doen, het ligt daar maar. 
De vooraadbakjes met derde van rechts de bak met klei
In een bespreking met de adviseur van onze bos- en tuinafdeling komt naar voren dat het heel goed zou zijn om die klei te mengen met de grond die in de grote voorraadbak ligt. Nog met het idee in het achterhoofd dat de klei keihard is, gaan Pieter en ik op een doordeweekse dag naar het voorraadbakje toe. We hebben allerlei gereedschap bij ons, omdat we niet weten hoe we de klei moeten gaan bewerken. In onze kruiwagen liggen batsen, spades, pikhouwelen, hamers, prikkers, kortom, een heel arsenaal. Als we bij het voorraadbakje aankomen, zien we dat het er heel vies is. Het kost wel een half uur om alles eerst een beetje op te kuisen. Dat komt ervan als ik alles maar laat waaien en nooit omkijk naar de klei. Als we het zwarte plastic van de klei aftrekken, rennen heel veel mieren alle kanten op, want het stikt er van de mierennesten in de berg met klei.

Pieter en ik pakken als eerste een spade en we proberen de keiharde klei wat los te schrapen. Dat gaat verrassend gemakkelijk, de klei komt snel los en als we het naar beneden laten vallen vanaf de kleiberg, dan kruimelt het. De klei is dus helemaal niet zo hard als ik dacht. We gaan dan met twee kruiwagens vol met losse klei naar de grote voorraadbak en we bekijken hoe we de klei kunnen vermengen met de grond die daar ligt. Ik weet het even niet zo goed, want de grond ligt niet op een hoop, maar is verspreid over de halve voorraadbak. Ik concentreer me op de lila energie en dan we komen erop uit dat ik steeds een laag klei op de grond gooi en dat Pieter daar weer een laag grond overheen harkt. Het gaat leuk en binnen de kortste keren zijn de kruiwagens leeg en zijn de grond en klei gemengd.
We maken het rond de grote voorraadbakken ook nog schoon, want er groeit van alles op de betonnen rand rondom; klimop en andere planten en er ligt veel afgewaaid blad. Het komt er wel anders uit te zien als alles netjes is aangeveegd.

Ik kom in deze gota mijn eigen viezigheid tegen en nalatigheid. Als de grote voorraadbakken worden geplaatst afgelopen zomer, dan is dat een heugelijk moment. Alles ziet er spic en span uit. Maar binnen de kortste keren is dat niet meer zo en is het een gribus daar, dan kijk ik er niet meer naar om. Ik laat het zelf allemaal verworden tot een onaangename plek. En dat geldt ook voor de klei en alles wat daar te zien was. Als ik dus niet omkijk naar de grondstoffen in mijzelf en de voorzieningen daarvoor, dan verwordt alles. Het aparte is wel om te merken dat de klei niet is aangetast door de tand des tijds. Het is nog ‘gewoon’ klei, die onder de buitenste korst nog vettig is en kruimig. Klei heeft dus de eigenschap van een heel lange houdbaarheid.

Mijn ideeën houd ik ook lang vast, ik ga niet op onderzoek uit naar de klei, ik houd vast aan het waanidee dat de klei keihard is en dus onhandelbaar en niet te gebruiken is. Ik houd dat in stand. De vraag is waarom... Er is toch veel weerstand om in beweging te komen, merk ik, om iets te ondernemen met de klei, en dat is gebaseerd op een waanidee dat de klei te hard zou zijn om te bewerken. En daardoor onthoud ik de tuinen van vruchtbare grondstof. Nu ligt alles klaar om toch te gaan gebruiken als we straks weer gaan verplanten in de tuinen en ook het bos van de Pauwekroon. Pieter en ik hebben weer meer inzicht gekregen in hoe we zijn en dat is vooruitgang, want ik denk nogal eens van mezelf dat ik heel netjes ben en de dingen met zorg doe, maar dat blijkt dus anders in elkaar te zitten. Ik geef het over aan de lila energie, zodat hij er wat aan kan doen in mij.
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram